• Landelijk werkzaam
  • Persoonlijk bezoek
  • Één vast aanspreekpunt
  • Gratis rechtshulp

Wanneer krijgt u geen letselschadevergoeding?

Door: Lisa Fluit
Leestijd: 3 minuten

Een verkeersongeval betekent niet automatisch dat u recht heeft op een letselschadevergoeding. Ook wanneer aansprakelijkheid vaststaat, moet er namelijk een juridisch verband bestaan tussen het ongeval en uw klachten. Dat blijkt opnieuw uit een uitspraak van de Rechtbank Rotterdam, waarin een vordering tot schadevergoeding volledig werd afgewezen omdat het vereiste causaal verband ontbrak. 

De uitspraak bevestigt een belangrijk uitgangspunt binnen het letselschaderecht: niet iedere klacht die na een ongeval ontstaat, wordt juridisch als ongevalsgevolg aangemerkt. Voor slachtoffers én verzekeraars is juist dit vaak het belangrijkste discussiepunt.

Causaal verband is de basis van iedere letselschadezaak

In het Nederlandse aansprakelijkheidsrecht geldt dat schade alleen voor vergoeding in aanmerking komt wanneer deze in voldoende mate aan het ongeval kan worden toegerekend. Dat volgt onder meer uit artikel 6:98 Burgerlijk Wetboek. De benadeelde moet aannemelijk maken dat de klachten daadwerkelijk het gevolg zijn van het ongeval en niet van een andere oorzaak.

Dat betekent overigens niet dat iedere klacht medisch objectief aantoonbaar hoeft te zijn. De Hoge Raad heeft al meerdere keren geoordeeld dat ook subjectieve klachten, zoals pijn, vermoeidheid of concentratieproblemen, voor vergoeding in aanmerking kunnen komen. Wel moet sprake zijn van een consistent, consequent en geloofwaardig klachtenpatroon.

Daar houdt de beoordeling echter niet op. Vervolgens moet worden onderzocht of die klachten daadwerkelijk door het ongeval zijn veroorzaakt.

De zaak: klachten na een verkeersongeval

In de Rotterdamse zaak reed een automobilist met zijn auto tegen een geparkeerde auto nadat hij tijdens het rijden een paniekaanval kreeg. De verzekeraar erkende dat sprake was van een gedekte gebeurtenis onder de schadeverzekering inzittenden (SVI), maar betwistte dat de langdurige lichamelijke en psychische klachten door het ongeval waren ontstaan.

De rechtbank liet zich daarbij leiden door meerdere onafhankelijke deskundigenrapporten van een neuroloog, neuropsycholoog en psychiater.

Hoewel de betrokkene aangaf sinds het ongeval volledig arbeidsongeschikt te zijn geraakt door onder meer nekklachten, hoofdpijn, vermoeidheid en psychische klachten, kwamen de deskundigen tot een andere conclusie.

Waarom wees de rechtbank de vordering af?

De rechtbank keek niet alleen naar de klachten zelf, maar vooral naar het geheel van omstandigheden. Daarbij speelden vier factoren een doorslaggevende rol.

Allereerst bleek onduidelijkheid te bestaan over de toedracht van het ongeval. De bestuurder had in de loop van de procedure verschillende verklaringen afgelegd over de snelheid, de impact en de ernst van de botsing. De rechtbank hechtte uiteindelijk meer waarde aan de eerste medische informatie die direct na het ongeval was vastgelegd en aan de beperkte schade aan de voertuigen. Daardoor ging de rechtbank uit van een relatief lichte aanrijding.

Daarnaast oordeelde de rechtbank dat het ongevalsmechanisme onvoldoende verklaring bood voor de klachten. De neuroloog kon geen neurologisch letsel vaststellen en zag geen aanwijzingen dat de relatief lichte botsing de langdurige lichamelijke klachten kon verklaren. Ook voor de cognitieve klachten werd geen neurologische oorzaak gevonden.

Een derde belangrijk punt was dat vergelijkbare psychische klachten al vóór het ongeval aanwezig waren. Uit medische dossiers bleek dat betrokkene eerder kampte met paniekklachten, hyperventilatie, burn-outverschijnselen en andere stressgerelateerde problemen. Daarmee ontbrak het onderscheid tussen de situatie vóór en na het ongeval.

Tot slot zag de rechtbank een alternatieve verklaring voor de klachten. Volgens de psychiater was de paniekaanval die direct aan het ongeval voorafging waarschijnlijk onderdeel van reeds bestaande psychische problematiek. Ook langdurig medicijngebruik werd als mogelijke verklaring voor een deel van de hoofdpijnklachten genoemd.

Wat betekent deze uitspraak voor andere letselschadezaken?

Deze uitspraak betekent zeker niet dat slachtoffers met moeilijk objectiveerbare klachten geen recht hebben op schadevergoeding. Integendeel. Ook bij klachten zoals een whiplash of chronische pijn kan aansprakelijkheid worden aangenomen wanneer voldoende aannemelijk is dat de klachten door het ongeval zijn veroorzaakt.

Juridisch advies: laat uw zaak altijd beoordelen

Twijfelt u of uw klachten juridisch aan een ongeval kunnen worden toegerekend? Of heeft een verzekeraar uw letselschadeclaim afgewezen omdat het causaal verband ontbreekt?

Laat uw situatie dan beoordelen door onze letselschadespecialisten. Zij kunnen beoordelen welke juridische mogelijkheden u heeft, uw medische dossier analyseren en u begeleiden bij het verhalen van uw schade.

Gratis hulp en advies
  • Binnen 24 uur contact
  • Eén vast aanspreekpunt
  • Persoonlijke aanpak
  • Gratis rechtshulp
  • Landelijk werkzaam

    Gratis hulp en advies
    (c) copyright Stipt letselschade | Klachtenregeling | Algemene Voorwaarden | Sitemap | Privacyverklaring