• Landelijk werkzaam
  • Persoonlijk bezoek
  • Één vast aanspreekpunt
  • Gratis rechtshulp

Wanneer heb je recht op vergoeding shockschade?

Door: André Rotte
Leestijd: 2 minuten

Iemand die geconfronteerd wordt met een schokkende gebeurtenis en daardoor letsel oploopt, kan shockschade claimen. Dat letsel kan zowel geestelijk als lichamelijk zijn. Bijvoorbeeld lichamelijke klachten als gevolg van psychische klachten. Shockschade is naast smartengeld , affectieschade  en de materiële schadevergoeding ook onderdeel van de letselschadevergoeding. De rechter kent shockschade toe onder een aantal voorwaarden. Welke dat zijn, bespreek ik in dit artikel.

Shockschade: confrontatie met schokkende emotionele gebeurtenis

Wie met een schokkende emotionele gebeurtenis te maken krijgt en daardoor psychische problemen krijgt, moet de psychische klachten en eventueel daaruit volgende lichamelijke klachten kunnen aantonen. Het feit dat iemand met een schokkende gebeurtenis te maken krijgt, heet confrontatievereiste. De eerste vergoeding voor shockschade vond plaats in 2002. De rechterlijke uitspraak die volgde op deze claim, heet Taxibus-arrest. Een moeder van een vijfjarig meisje dat overreden werd door een taxibusje kwam na het ongeval ter plaatse en zag haar zwaar verminkte en overleden dochtertje liggen. Uit deze uitspraak blijkt, dat er ook recht is op schadevergoeding wanneer iemand een ongeval niet zelf direct ziet gebeuren, maar er later mee geconfronteerd wordt. Ook dan voldoet de zaak aan het confrontatievereiste.

Geestelijk letsel bij shockschade

Een deskundige, bijvoorbeeld een huisarts, psycholoog of psychiater moet het geestelijk letsel naar objectieve maatstaven vaststellen. In eerste instantie ging een rechter ervan uit dat er sprake moet zijn van een in de psychiatrie erkend ziektebeeld. Inmiddels geldt binnen de rechtspraak de voorwaarde dat een deskundigenverklaring waaruit blijkt dat er sprake is van geestelijk letsel, voldoende is voor de toekenning van shockschade. In juni 2022 deed de Hoge Raad uitspraak in een letselschadezaak waarbij een moeder haar dochtertje van een flatgebouw duwde. De vader kreeg foto’s te zien van de situatie vlak na de val en nam later in het mortuarium afscheid van zijn overleden dochtertje waarbij haar verwondingen nog deels zichtbaar waren. Ook in deze zaak kende de rechtbank een shockschadevergoeding toe, onder meer omdat de vader kon aantonen dat hij leed aan PTSS als gevolg van het voorval.

Oorzaak en gevolg: toekenning shockschade

Het geestelijk letsel van iemand die geconfronteerd is met de gevolgen van een ernstig misdrijf of ongeval waarvoor iemand anders aansprakelijk is, moet aantoonbaar met dat voorval te maken hebben. Ook de ouders en broer en zus van een overleden man claimen shockschade. In deze zaak overleed hun zoon en broer. Zijn vriend en huisgenoot sloeg hem onder invloed dood. De rechter oordeelde dat de vader recht heeft op shockschade omdat hij zijn zoon in het mortuarium moest identificeren en hij hierdoor PTSS heeft. Ook de moeder en de broer claimen shockschade. Omdat zij nog geen officiële diagnose kregen, kent de rechter nog geen vergoeding voor shockschade toe. Zij voldoen wel aan het confrontatievereiste omdat ook zij het lichaam in het mortuarium hebben gezien. Naast familieleden, kunnen ook willekeurige passanten die getuige zijn van een ernstig ongeval waarvoor iemand anders aansprakelijk is een shockschadeclaim indienen.

Shockschade en affectieschade kunnen samengaan

Affectieschade  is ook een vorm van schadevergoeding in een letselschadezaak. Alleen nabestaanden of naasten van een ongevalsslachtoffer dat door toedoen van een ander is overleden of ernstig letsel opliep, kunnen hierop aanspraak maken. Alleen de partner van het slachtoffer, de kinderen en ouders, of zij die een vergelijkbare relatie met het slachtoffer hebben kunnen affectieschade claimen.

Rechtbank
(c) copyright Stipt letselschade | Klachtenregeling | Algemene Voorwaarden | Sitemap | Privacyverklaring