Door: André Rotte
Leestijd: 3 minuten
In maart 2022 heeft de rechtbank Rotterdam een belangrijke uitspraak gedaan over werkgeversaansprakelijkheid bij gezondheidsschade door blootstelling aan rook op het werk. In deze zaak werd een werkgever aansprakelijk gehouden voor het ontstaan van COPD bij een werknemer. De uitspraak maakt duidelijk hoe ver de zorgplicht van een werkgever reikt en hoe het causaal verband tussen werkomstandigheden en ziekte juridisch wordt beoordeeld.
De kern van het geschil
De werknemer in deze zaak kreeg in 2008 de diagnose COPD. Enkele jaren later werd ook een longemfyseem vastgesteld en in 2016 raakte hij gedeeltelijk arbeidsongeschikt. De werknemer werkte sinds 1999 als klusjesman bij een GGZ-instelling. Zijn werkzaamheden vonden plaats in algemene ruimtes, sanitaire voorzieningen en kamers van cliënten.
Binnen het gebouw werd veel gerookt. Er was weliswaar een rokersruimte aanwezig, maar deze was volgens de werknemer klein, slecht geventileerd en niet goed afgesloten. Doordat sommige cliënten in een rolstoel zaten, bleven de deuren vaak open, waardoor rook zich door het gebouw verspreidde. Daarnaast werd er regelmatig buiten de rokersruimte gerookt, onder meer op kamers en in sanitaire ruimtes. Volgens de werknemer hing er daardoor structureel een rooklucht in het pand. Medewerkers zouden hier al jarenlang over hebben geklaagd bij de werkgever, zonder dat dit tot effectieve maatregelen leidde.
De werknemer stelde dat hij door deze langdurige blootstelling aan sigarettenrook COPD heeft ontwikkeld en stelde zijn werkgever aansprakelijk voor de geleden en nog te lijden schade.
Het verweer van de werkgever
De werkgever betwistte aansprakelijkheid en stelde dat hij aan zijn zorgplicht had voldaan. Er was een rookverbod ingesteld voor het grootste deel van het gebouw en er was een speciale rokersruimte ingericht. Volgens de werkgever was deze ruimte voorzien van deurdrangers, rookreinigingsapparaten en een afzuigsysteem waarvan de filters jaarlijks werden vervangen. Ook werden bewoners aangesproken op rookgedrag buiten de rokersruimte.
Daarnaast betwistte de werkgever het causale verband tussen het werk en de COPD. De werknemer had in het verleden astma gehad en enkele jaren (mee)gerookt. Volgens de werkgever konden deze factoren de ziekte verklaren en was de blootstelling op het werk onvoldoende ernstig om COPD te veroorzaken.
Beoordeling door de rechtbank: schending van de zorgplicht
De rechtbank stelde voorop dat artikel 7:658 Burgerlijk Wetboek de werkgever verplicht om de werkplek zo in te richten dat werknemers geen schade oplopen tijdens hun werkzaamheden.
De rechter oordeelde dat de werkgever wist van het structurele rookgedrag van cliënten buiten de rokersruimte. Juist daarom had van de werkgever mogen worden verwacht dat hij zorgde voor een ruime, goed geïsoleerde en adequaat geventileerde rokersruimte.
Daarbij woog mee dat werknemers al jarenlang klaagden over rookoverlast en dat daar onvoldoende mee was gedaan. De rechtbank concludeerde dat de getroffen maatregelen onvoldoende waren om werknemers te beschermen tegen blootstelling aan rook. Daarmee had de werkgever zijn zorgplicht geschonden.
Causaal verband tussen werk en COPD
Vervolgens moest worden beoordeeld of de COPD van de werknemer daadwerkelijk was veroorzaakt door de werkomstandigheden. Vaststond dat de werknemer jarenlang structureel was blootgesteld aan sigarettenrook op het werk. Dat is volgens de rechtbank een schadelijke factor die gezondheidsproblemen kan veroorzaken.
Omdat de behandelend artsen geen volledige zekerheid konden geven over de oorzaak van de COPD, schakelden partijen gezamenlijk een onafhankelijke longarts in. Deze deskundige concludeerde dat het zeer waarschijnlijk was dat de blootstelling aan rook op het werk heeft bijgedragen aan het ontstaan en de verergering van COPD. De eerdere (mee)rookgeschiedenis en de aanwezige astma speelden daarbij geen doorslaggevende rol. Zonder de rookblootstelling op het werk zou de longfunctie van de werknemer, gelet op zijn leeftijd en achtergrond, niet zijn verslechterd.
De rechtbank nam deze conclusies over en oordeelde dat het causaal verband tussen de zorgplichtschending en de COPD voldoende was aangetoond. Omdat de werkgever zijn zorgplicht had geschonden en vaststond dat de ziekte daardoor was ontstaan, werd de werkgever aansprakelijk gehouden voor de schade van de werknemer.
Waarom deze uitspraak relevant is
Zaken zoals deze laten zien dat ziekte door werkomstandigheden, een beroepsziekte in de volksmond, niet eenvoudig te bewijzen is. Het gaat niet alleen om de vraag of iemand is blootgesteld aan schadelijke stoffen, maar ook of de werkgever voldoende maatregelen heeft genomen en of er een aantoonbaar verband bestaat tussen het werk en de ziekte. Zeker bij longaandoeningen zoals COPD speelt medische en juridische onderbouwing een doorslaggevende rol.
Wanneer u vermoedt dat uw gezondheidsklachten zijn ontstaan of verergerd door rook of andere schadelijke omstandigheden op de werkvloer, is het verstandig om tijdig juridisch advies in te winnen. De specialisten van Stipt letselschade hebben ruime ervaring met beroepsziekten en werkgeversaansprakelijkheid. Zij kunnen beoordelen of uw werkgever zijn zorgplicht is nagekomen, helpen bij het inschakelen van medische deskundigen en u begeleiden bij het verhalen van uw schade. Wilt u een vrijblijvend adviesgesprek? Neem dan vrijblijvend contact met ons op.